De subsidieregeling Praktijkleren is bij veel organisaties bekend. Wat veel werkgevers echter niet weten, is dat de doelgroep promovendi ook in aanmerking komt. Vaak zijn promovendi actief in een bedrijf, zonder dat zij worden meegenomen in de subsidieaanvraag. Zonde, want de mogelijkheid is er!
Promovendi binnen de subsidieregeling Praktijkleren
De subsidieregeling Praktijkleren biedt een tegemoetkoming in de begeleidingskosten van medewerkers die een leerwerktraject volgen, waaronder dus ook promovendi. De subsidie wordt per studiejaar achteraf aangevraagd en kan oplopen tot maximaal 2.700 euro per promovendus per jaar. De hoogte van het bedrag is afhankelijk van het aantal maanden en het aantal contracturen dat de promovendus daadwerkelijk bij de werkgever in dienst was tijdens het studiejaar.
In de praktijk zien we dat vooral in sectoren zoals zorg, jeugdzorg en onderzoeksintensieve organisaties meer promovendi actief zijn dan vooraf bekend is. Bij verschillende klanten, waaronder grotere zorg- en onderzoeksorganisaties, zijn tijdens inventarisaties alsnog promovendi in beeld gekomen die mogelijk binnen de regeling vielen. Vaak waren deze niet eerder meegenomen, omdat onduidelijk was of zij aan de voorwaarden voldeden.
Wanneer komt een promovendus in aanmerking?
Een promovendus kan binnen Praktijkleren worden opgevoerd wanneer sprake is van een werkleerplaats en wanneer de werkgever daadwerkelijk loon- of begeleidingskosten draagt. Daarbij zijn twee situaties mogelijk.
1. De eerste situatie is dat de promovendus formeel in dienst is van een universiteit, de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) of de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW), terwijl de werkgever via een overeenkomst de loonkosten geheel of gedeeltelijk financiert. In dat geval kan het deel van de loonkosten dat door de werkgever wordt betaald in aanmerking komen voor subsidie.
2. De tweede situatie is dat de promovendus in dienst is van de werkgever en dat de wetenschappelijke begeleiding wordt verzorgd door een erkende Nederlandse universiteit of een instituut van NWO of KNAW. Ook dan kan subsidie worden aangevraagd, mits de afspraken goed zijn vastgelegd.
Een belangrijke voorwaarde voor het aanvragen van subsidie is dat er een geldige en ondertekende overeenkomst moet zijn tussen werkgever en kennisinstelling. In deze overeenkomst moet onder andere zijn opgenomen dat de werkgever de loonkosten financiert, wat de periode van het promotietraject is en wat de arbeidsduur van de promovendus bedraagt. Zonder deze onderbouwing wordt de aanvraag afgewezen.
Een praktijkvoorbeeld
Bij een grote zorginstelling hebben wij in een recent studiejaar meerdere promovendi in beeld gekregen die niet eerder waren meegenomen in de subsidieaanvraag. Dit kwam doordat een contactpersoon ons in contact bracht met een vakgroepmanager, waarna bleek dat er binnen verschillende afdelingen promotietrajecten liepen.
Dit leverde extra subsidie op, maar liet ook zien hoe belangrijk het is om vooraf goed te controleren wie de loonkosten daadwerkelijk betaalt. In een aantal gevallen bleek dat de loonkosten niet volledig door de werkgever werden gefinancierd, maar (gedeeltelijk) door een externe partij. In die situaties kan alleen het deel dat door de werkgever wordt betaald worden opgevoerd, en soms zelfs helemaal niets.
Dit soort situaties komen vaker voor bij promovendi, waardoor deze doelgroep extra aandacht vraagt bij de voorbereiding van een aanvraag.
Waarom promovendi vaak buiten beeld blijven
Promovendi worden regelmatig gemist omdat zij niet altijd als student of deelnemer aan een opleiding herkenbaar zijn in de personeelsadministratie. Daarnaast zijn de afspraken rondom financiering en begeleiding vaak complex, waardoor niet direct duidelijk is of iemand binnen de regeling valt.
Door hier gericht op te controleren, kan een aanvraag in sommige gevallen aanzienlijk worden uitgebreid. Tegelijk voorkomt een goede toetsing dat medewerkers worden opgevoerd die achteraf niet subsidiabel blijken, wat kan leiden tot correcties of afwijzing.
Ondersteuning vanuit OAZ
Heb je binnen jouw organisatie promovendi werkzaam, of twijfel je of zij binnen de subsidieregeling Praktijkleren vallen? Dan is het verstandig om dit vooraf goed te laten beoordelen. Juist bij deze doelgroep is vaak extra subsidie mogelijk, mits aan alle voorwaarden wordt voldaan.
OAZ ondersteunt organisaties bij het in kaart brengen van de doelgroep, het controleren van overeenkomsten en het correct indienen van de aanvraag. Zo benut je de regeling optimaal en voorkom je dat kansen onbenut blijven. Neem gerust contact op via ons contactformulier om te laten beoordelen of er binnen jouw organisatie nog mogelijkheden zijn. Je kan ons ook rechtstreeks benaderen op 088 5600 700.
